Olympic Peninsula
Beste vrienden,
We gaan vandaag vrij vroeg op pad, want we willen mee met de ferry van Coupeville naar Port Townsend op Olympic Penisula. Maar deze ferry is klein er zijn veel gegadigden, en je moet online reserveren. Gisteren was er nog een plekje vrij op de boot van 10 uur, maar helaas mislukte onze reservering. Dan maar op de bonnefooi. En we hebben mazzel: we komen vroeg aan, sluiten aan in de standby rij en mogen toch nog mee.
Het oversteken van de ‘Admiralty Inlet’ zeearm duurt maar een half uurtje, de frisse zeewind waait de onze haren en het zicht op de witbesneeuwde Olympic Mountains is prachtig.
Het hele gebied ten westen van Seattle is een wirwar van zeearmen, eilanden en schiereilanden. Als we de pont hadden gemist, dan hadden we uren en uren moeten omrijden. Dezelfde problemen ondervond Captain Vancouver van de Engelse Navy, hij heeft eind achttiende eeuw verkenningen uitgevoerd in dit gebied, en hij kwam toen ook niet helemaal uit waar je nou wel of niet doorheen kon varen. Vancouver is ook een ietsje noordelijker wezen kijken in wat nu Canada is. Daar ligt nu de stad Vancouver, en Vancouver Island. Op dit eiland ligt Victoria, de hoofdstad van British Columbia, en daar rijden nog dubbeldekker bussen rond (zie mijn blog https://canadian-goos.blogspot.com/).
Enfin, we rijden nu door eindeloze naaldbossen, met af en toe zicht op de Olympic Mountains, die steeds dichterbij komen. We nemen een kijkje bij Lake Crescent, een meer dat in de ijstijd door een grote gletcher diep is uitgeslepen in de rotsgrond. Een oude Indiaanse legende verhaalt van het einde van een bloedige oorlog tussen de stammen van de Quileute en de Klallam. Mount Storm King was zo boos over de moordpartijen, dat hij de strijdende partijen middels een landverschuiving vernietigde. En inderdaad, achter lake Crescent ligt lake Sutherland, met ertussen een dam van puin.
Dan rijden we langs de kust van de Pacific Ocean, waar de golven onafgebroken op het strand inbeuken. De grote kiezels die er liggen worden steeds ronder en steeds kleiner. Ook liggen er grote stapels drijfhout, afkomstig van bomen die met hoogwater vanaf de oevers van de kreken de zee in worden gesleurd. Iconisch is Ruby Beach, waar Onze Lieve Heer extra zijn best op heeft gedaan.
Uiteindelijk bereiken we Kalaloch Lodge dat in het Olympic National Park ligt. Ik zit in de avondzon aan dit blog te tikken, met uitzicht op de wilde branding van de Pacific. Er staan hier en daar nog wat blokhutten voor mijn zicht, maar de huurders hiervan hebben nóg meer betaald als ik. We klagen evenwel niet.
Lieve allebei, want een natuurschoon en wat fijn dat jullie het zo goed voor de wind gaat!
BeantwoordenVerwijderen